Politiek circus dreigt de Parlementaire Enquête Corona te kapen

Als het de Tweede Kamer erom te doen is het volk te vertegenwoordigen en haar controlerende taak uit te voeren, dan zet ze nu een streep door de Parlementaire Enquête voor corona.



Veel te veel doden, veel te veel slachtoffers, een volledig uitgeput zorgstelsel en miljoenen mensen met schade. In het Verenigd Koninkrijk werd al eerder hard geoordeeld over de overheidsaanpak van de crisis. Zo oordeelde de Gezondheidsraad van het VK (Health and Social Care Committee (HSCC)) dat het overheidsstreven naar kudde-immuniteit duizenden levens had gekost. Het falen om (in de vroege stadia van de pandemie) meer te doen om de verspreiding van Covid  tegen te gaan, zag de HSCC als een van de ernstigste mislukkingen op het gebied van de volksgezondheid in de Britse geschiedenis. Het brengt de doden niet terug en maakt het verlies niet ongedaan, maar er is tenminste een wil om te erkennen dát er verlies is. Echt verlies. En onrecht. Dat de onderste steen boven moet komen en dat de beleidsmakers verantwoording moeten afleggen. 

Lady Hallet zei dat ze alles zou doen wat in haar macht lag om te onderzoeken wat er is gebeurd en welke lessen er moeten worden geleerd, en beloofde een grondig en eerlijk onderzoek. En ik geloof haar. Om vrede te kunnen sluiten met het verleden, het verlies te verwerken, erkenning voor ongekend leed te krijgen en te voelen, om lessen te leren voor de toekomst, is grondig en eerlijk onderzoek nodig. Eén waarbij verlies centraal staat. Je kunt je nauwelijks voorstellen dat een onderzoek naar een pandemie die zoveel mensenlevens kostte en nog altijd zoveel gezondheidsschade oplevert, níet over dat verlies zou gaan. 

Het contrast tussen de Britse aanpak en het onderzoeksvoorstel voor de Parlementaire Enquête naar het coronabeleid in Nederland is niet eens schril, maar lijkt eerder een veronachtzaming van politieke plicht. De strategie van het VK (en de gevolgen daarvan) is vergelijkbaar met Nederland, maar de aanpak om ‘de onderste steen boven te krijgen’ laat een wereld van verschil zien. In het Nederlandse onderzoek staat ‘verlies’ niet alleen niet centraal, maar lijkt er in het geheel zelfs niet in terug te komen. Niet werkelijk. In het Nederlandse onderzoek staan vooral de politieke afrekening centraal en politieke ego’s. Het gaat niet om mensen en wat hen is aangedaan, maar om het partijprogramma door te laten werken in de parlementaire enquête. Niet om verlies van leven en gezondheid, maar om het tijdelijk verlies van bewegingsvrijheid. Het Nederlandse onderzoek gaat niet om de volksgezondheid, zoals het pretendeert, maar om het verleiden van het electoraat. 

Over de samenstelling van de Nederlandse parlementaire onderzoekscommissie is al veel geschreven en het laat zich raden hoe bepaalde leden van die commissie met deze onderzoeksopzet aan de haal zullen gaan. Het allerbelangrijkst echter: Het ontbreekt de commissie aan een Lady Hallet. Er is geen wil om het lijden centraal te stellen. Het voorgestelde onderzoek naar het Nederlandse coronabeleid is koud en emotieloos en gaat over de ruggen van de doden. En nee, dat zijn geen ongepaste woorden. 

Bijna drie jaar duurde de coronacrisis, en al die tijd hebben we ons laten leiden door cijfers. Cijfers die ontmenselijken. Dit is de spiegel waar de politiek in moet kijken, hoe pijnlijk het ook is. Dat juist die ontmenselijking zijn plek mag krijgen. Emoties zijn niet bedreigend, maar vormen juist de kern waar het om zou moeten draaien. Het zijn emoties die ons mens maken en politici vertegenwoordigen die mensen. Verlies is lijden en bij lijden horen emoties. Bij een ramp van deze omvang is het volstrekt ongepast om géén Lady Hallet te hebben. 

De Parlementaire Enquête is eenmalig

Een Parlementaire Enquête wordt slechts eenmaal gehouden. Eén kans om antwoorden te krijgen op de belangrijkste vragen over de grootste crisis na de Tweede Wereldoorlog. Eén kans om iedereen die verlies heeft geleden de kans te geven om te verwerken en te helen. Eén kans om de fouten te bespreken, stil te staan bij de gevolgen ervan en om daar passende consequenties aan te verbinden. Eén kans om achteraf de pijn enigszins te verzachten. Zorgvuldigheid is van groot belang. 

“De door de Kamer vastgestelde opdracht voor de tijdelijke commissie bevat kaders voor het onderzoeksvoorstel. De daarin genoemde doelen van de enquête zijn waarheidsvinding en het trekken van lessen voor de toekomst, om zo beter voorbereid te zijn op een eventuele volgende gezondheidscrisis. De focus van de enquête zou volgens de commissie VWS moeten liggen op de volksgezondheid. ” Daarnaast moet de maatschappelijke impact van het gevoerde beleid in de enquête betrokken worden, alsmede de wijze waarop afwegingen zijn gemaakt tussen volksgezondheid en andere maatschappelijke belangen.”

De conclusies en bevindingen van een onderzoek zijn – het behoeft geen uitleg – volledig afhankelijk van de onderzoeksvraag. Maar wat gaat de onderzoekscommissie nu eigenlijk precies onderzoeken? Volgens de opdracht van de Tweede Kamer moet de focus liggen op de volksgezondheid. En komt dat ook uit het onderzoeksvoorstel? Het antwoord is: In de verste verte niet. Het is zelfs de vraag waar de volksgezondheid precies wél aan bod komt. Het voorstel lijkt doof en stom voor gezondheidsschade, doof voor verlies, waar het onderzoek in het VK in hoofddoel juist wel om draait. In het Nederlandse onderzoek wordt menselijk leed als gegeven geaccepteerd, als een natuurverschijnsel of een onvermijdelijke uitkomst van een pandemie. 

Het onderzoek waarmee de onderzoekscommissie de Parlementaire Enquête vorm wil geven draait in hoofdzaak om de (neven)effecten van maatregelen, waarmee het belangrijkste vraagstuk over het beleid voorgoed onbeantwoord zal blijven; de vraag of het anders had gekund, of had gemoeten. De covid inquiry in het VK bracht al zoveel zeer pijnlijke feiten boven water: Over de vreselijke gevolgen van de gekozen strategie van kudde-immuniteit, de onachtzaamheid van (bepaalde) politici voor menselijk leed en leven, de vele onnodige sterfte die dat heeft opgeleverd. Beleid met grote gevolgen. Gelijksoortig beleid werd ook in Nederland gevoerd.  

Focus op de IC’s

Hier knaagt het bij mij als zorgmedewerker. Want ik had de GGD aan de telefoon. Nog vóór het eerste geval in Nederland bekend was en wij ons moesten houden aan een veel te strakke casusdefinitie. Terwijl heel Europa al een patient zero had. Ik denk nog vaak terug aan die tijd. Waarom hadden wij een casusdefinitie die zo streng was, dat geen enkele patiënt er aan kon voldoen? Waarom vertelde de GGD mij aan de telefoon dat mijn patiënt – die aan alle voorwaarden voldeed – dat dit geen corona was, omdat hij in Duitsland was geweest en Duitsland niet tot de door Nederland aangewezen risicolanden behoorde? Corona raasde al door dat land, maar werd niet als risicoland aangewezen omdat er nog geen doden door waren gevallen. Geen beleid gebaseerd op infectieziektenbestrijding, maar op een politieke afweging.

Het knaagt aan mij omdat ik zoveel patiënten heb gezien die nu niet meer leven. Omdat ze niet voldeden aan de casusdefinitie. Maar ook daarna was er te weinig inspanning om levens te redden. Zo min mogelijk maatregelen, was het doel van de overheid. Nederland zoveel mogelijk openhouden. Ook al waren er niet voldoende mondneusmaskers en andere beschermingsmiddelen. De aanpak leunde zwaar op de maximale zorgcapaciteit en die werd moedwillig zo ver opgerekt, dat alles uit haar voegen barstte. Zorgmedewerkers moesten het opknappen, zonder adequate bescherming, vaak zelf ziek. Moesten het opknappen, want er was werkdrang. Je móest werken, ook al ondermijnde dat je eigen gezondheid en dat van je patiënten. Waarom zijn wij niet beschermd tegen besmetting? Waarom zijn wij niet beschermd tegen het ziek maken van onze patiënten? Zorgmedewerkers máákten hun patiënten ongewild ziek en dat is een ondraaglijke last voor mensen die er hun werk van hebben gemaakt – vooral – om andere mensen beter te maken.  

Fragment uit Frontberichten. Bekijk hier de hele aflevering.

De Intensive Care is eigenlijk het eindstadium. Daar wil je mensen eigenlijk helemaal niet hebben. Toch was de IC-capaciteit bepalend voor het coronabeleid. Zolang de IC’s het aankonden, mochten mensen ziek worden en sterven, want dat was de harde werkelijkheid. Voor iedere opgenomen patiënt op de IC’s stond echter een veelvoud aan mensen die óók ernstig ziek werden en stierven, zonder ooit op die IC terecht te komen. Als je IC capaciteit oprekt, ben je akkoord met die gezondheidsschade. Akkoord met sterfte. Toch deed de overheid precies dat en iedere keer weer. En als onze IC’s vol waren, stuurden we onze patiënten naar Duitsland – dat veel verdergaande maatregelen trof dan wij – zodat wij maar door konden blijven gaan. Het was zelfs zo erg, dat wij zo’n weinig belastende maatregel als het dragen van mondneusmaskers weigerden, terwijl de rest van de wereld ze wel droeg. Nederland deed niets aan preventie. Pas als de maximale IC-capaciteit in zicht was, werd er aarzelend op de rem getrapt. Een strategie die inmiddels al heel veel vernietigende kritiek heeft gekregen. Het knaagt aan mij omdat bovenstaande compleet is genegeerd door de onderzoekscommissie. 

Lees de verslagen van het Britse corona onderzoek er eens op na: de strategie van kudde-immuniteit (of maximale controle, of pompend remmen, of welke verhullende termen er later ook aan werden gegeven) had geen wetenschappelijke basis en in het VK wist men van tevoren wél dat het tot hoge sterfte zou leiden. Het was ook in Nederland niets anders dan een politieke keuze, die nog lang door zal werken op de werkelijke slachtoffers van dit beleid. De nabestaanden van de gestorvenen, de mensen die nog steeds niet opgeknapt zijn na ernstige COVID of permanente gezondheidsschade hebben opgelopen, de vele mensen die longcovid hebben opgelopen, de mensen in kleine gemeenschappen en achterstandswijken die veel mensen in korte tijd zagen verdwijnen, de mensen die in de verzorgingshuizen zoveel gruwelijk lijden moesten aanzien, mensen in de wijkzorg, de huisartsenzorg, de ziekenhuizen, de IC’s. Allemaal mensen die nog altijd niet kunnen verwerken wat zij hebben gezien en verloren. Mensen die door dit onderzoek bewust genegeerd worden. Alweer. Net als tijdens de coronacrisis kijken we in Nederland niet verder dan de eigen politieke agenda, terwijl de schokkende verklaringen van politici in het VK genoeg aanknopingspunten zouden moeten bieden om juist dit als voornaamste onderzoekspunt te nemen.

Het OVV rapport geeft aanleiding tot een heel ander onderzoek

De voorlopige onderzoekscommissie stelt dat de parlementaire enquête een aanvulling moet zijn op het onderzoek van de OVV. Dat is hoe het zou moeten. Hoewel het OVV rapport ook te veel om het vraagstuk ‘doel en strategie’ heen draait, staat het vol met aanbevelingen voor waarheidsvinding in een parlementaire enquête. De OVV was kritisch en gaf genoeg knelpunten in het beleid aan, waar op z’n minst belangrijke lessen uit getrokken moeten worden. Politiek Den Haag laat het liggen. Rosanne Hertzberger van Nieuw Sociaal Contract (NSC) wil aanvullend onderzoek naar het functioneren van de democratie en de rechtsstaat, waarbij de vraag rijst welke waarheidsvinding er door haar gezocht wordt? De volksgezondheid, zoals de opdracht luidt, of berijdt ze hier liever het stokpaardje van de eigen partij NSC? Levert dit antwoorden op voor het beschermen van de volksgezondheid bij een volgende gezondheidscrisis? Geeft dit antwoord op al die vraagstukken die leven bij nabestaanden, longcovid-patiënten, medisch kwetsbare mensen en de mensen die in de gezondheidszorg werken? Of gaat het Hertzberger er hier eigenlijk om het handelsmerk van NSC te profileren?  

BBB kwam overigens niet bepaald met een beter statement, die partij heeft namelijk zelf al de conclusies getrokken: Maatregelen zijn fout, wappies goed en als verrassing dan toch ook de longcovid-patiënten. Koste wat het kost niet voorkómen, maar genezen. Een opmerkelijk uitgangspunt, zeker omdat BBB ook erkenning vraagt voor deze patiënten. Welke erkenning? Niet de erkenning dat hun ziekte in veel gevallen te voorkomen was geweest en dat dat een bijzonder belangrijke bevinding is voor een volgende gezondheidscrisis. Niet de erkenning dat naast de fysieke klachten van longcovid er ook een belangrijke mentale belasting is. Niet alleen bij longcovid-patiënten trouwens. Veel zorgmedewerkers hebben een moral injury opgelopen, burnout, PTSS, er zijn tientallen zorgmedewerkers overleden. De druk en het onredelijke appèl op de veerkracht van zorgmedewerkers om alles op te vangen, buiten alle grenzen van de redelijkheid, zodat de rest van Nederland langer door kon met leven en feesten. 

Het derde deel van het OVV rapport deel 3 oordeelt hard over de nalatigheid van het kabinet om de signalen van zorgmedewerkers op te pikken. Het hele beleid en alle bewegingsvrijheid van Nederlandse burgers leunde op ‘de veerkracht van zorgpersoneel’, als ware het machines met oneindige rek en mentale gezondheid. Het vertrouwen op die veerkracht was opportunistisch geblaat. De waarheid onder ogen zien was blijkbaar zoveel pijnlijker. Ze wisten dondersgoed dat ze het onmenselijke eisten. Niet vroegen, maar eisten. Zorgmedewerkers mochten niet weigeren. Als we niet als kamikazes te werk waren gegaan, dan zouden de lijken op straat hebben gelegen. Met gevaar voor eigen leven en gezondheid. Alsof zorgmedewerkers geen mensen zijn. BBB zou het zo weer opnieuw doen blijkbaar.  

Ook op de linkerflank van het parlement laten partijen het serieus afweten. Tijdens de pandemie bekritiseerde de linkse oppositie de strategie van het kabinet door te benoemen dat er gestuurd moest worden op besmettingen, niet op IC-capaciteit. En tegelijkertijd was links ook bezig met ‘tosti met curry’ moties. De linkse oppositie heeft niet deelgenomen aan de voorbereidende commissie voor de enquete. Door het onderzoeksvoorstel over te laten aan voornamelijk rechtse partijen en complotclubjes, is het niet zo gek dat het voorstel eenzijdig en vooringenomen is. Voor de buhne heeft links nog wat geprotesteerd maar in december hebben zij ook gewoon ingestemd met het starten van de enquete. Zij die over het algemeen pretenderen op te komen voor de zorg en zorgmedewerkers hebben het dus ook laten afweten.

Wat is een mensenleven waard?

Wat is een mensenleven waard in Nederland? Terwijl het in andere landen tijdens de crisis steeds ging om het redden van levens, ging het in Nederland vooral om het voorkomen van maatregelen. En het uitgangspunt voor de Parlementaire Enquête lijkt niet anders te zijn. Hadden er nog veel minder maatregelen genomen moeten worden, lijkt de centrale vraag te worden. Hoe ingrijpend waren de maatregelen voor mensen, stond het op gespannen voet met wetten en regeltjes? Natuurlijk is het belangrijk dat de overheid zich juist in tijden van crisis aan de Grondwet houdt, maar waar is artikel 22.1 van de grondwet gebleven die de overheid voorschrijft maatregelen ter bevordering van de volksgezondheid te treffen? De internationale verdragen die het de overheid verplicht stellen epidemieën te bestrijden? Hoe staan die centraal in de onderzoeksvraag van de commissie? Als je die grondrechten als uitgangspunt neemt, kom je op hele andere onderzoeksvragen: Of de pandemie beter te remmen was geweest, of er een strategie mogelijk was geweest met minder doden en minder risico voor zorgmedewerkers. Ja, en zelfs of er minder maatregelen mogelijk waren geweest als er eerder was ingegrepen. 

Alle politieke partijen hadden een inbreng in deze crisis. En natuurlijk worden er fouten gemaakt bij zo’n grote crisis. Door alle betrokkenen. Aan het begin ontbrak er zoveel informatie, er moesten politieke keuzes gemaakt worden.  De Tweede Kamer gaf het kabinet carte blanche en werd willens en wetens medeplichtig aan dat beleid. Net als het kabinet zelf stuurde de Tweede Kamer nauwelijks bij. Er werden wel veel onzinmoties ingediend: om de avondklok een half uur later in te laten gaan (hallo D66), een motie over tosti met curry (hallo PVDA) en het CDA bleef maar herhalen dat de basismaatregelen nóg beter moesten worden nageleefd, door de burger welteverstaan. De Tweede Kamer stelde toen de waarde van het leven niet centraal, zoals ze dat nu ook niet doet in de Parlementaire Enquête. Al die mensen die stierven, die ernstig ziek werden, nabestaanden, langdurig zieken, zorgmedewerkers, kinderen waarvan het onderwijs onderbroken werd, hun leerkrachten die onevenredig risico liepen, medisch kwetsbaren die lang in isolatie zaten of nog steeds in isolatie zitten, en ook ondernemers die de klappen van een open-dicht beleid moesten opvangen en financieel kapot gingen, dit zijn allemaal burgers die geen vertegenwoordiging vinden in de Kamer. Burgers die geen antwoorden en erkenning hoeven te verwachten van de Parlementaire Enquête en tot op de dag van vandaag lijnrecht tegenover elkaar worden gezet in een uitruil van zogenaamde grondrechten. Burgers die die ene kans om waarheden boven tafel te krijgen, om te kunnen verwerken en hun verlies te kunnen plaatsen, aan zich voorbij zien gaan. Omdat volksvertegenwoordiging nog altijd weigert hen te vertegenwoordigen. 

Gemis van de volksvertegenwoordiger 

Het is wat het is: de tijdelijke onderzoekscommissie is niet bezig met waarheidsvinding, maar met het normaliseren van eigen (partij)-gedachtengoed. En dat baart me zorgen. Het gaat om ego’s, het politieke spektakel, het tevreden stemmen van het eigen electoraat en het winnen van de zwevende kiezer voor de eigen partij. De grootste schreeuwers (zowel die in de samenleving als die in de Tweede Kamer) worden (alweer) op hun wenken bediend.   

Er ligt nu een gedrocht van een onderzoeksvoorstel klaar. Het gaat niet om de last van rouw en verdriet, maar om de last van maatregelen en of die wel in precies in lijn waren met grondwetten. Ongelofelijk hoe we het in Nederland voor elkaar krijgen om zelfs vanuit de Grondwet een uitruil van belangen te maken. Ja Pieter Omtzigt, ik kijk naar jou, juist omdat mijn vertrouwen bij jou ligt. Het is de gezondheid van de burger tegenover een open maatschappij en verlies je alsnog je gezondheid, dan word je buiten de maatschappij geplaatst.

De Kamer houdt zich muisstil. Het gebrek aan kennis, betrokkenheid en empathie onder onze volksvertegenwoordigers is stuitend. Alle aandacht gaat uit naar dat ene (totaal doorgedraaide) deel van de bevolking dat diep het konijnenhol in dook en zich niet wilde opofferen voor het algemeen belang. FvD staat klaar om de meest paranoïde complotdenkers in te bedden in de onderzoekscommissie. De Kamer staat erbij en kijkt ernaar. De lafheid van alle politieke partijen – ja, ook de linkse partijen – en de media om niet verlies en menselijk lijden, maar de waanzin van doorgedraaid Nederland centraal te stellen, is stuitend. 

In alle wanhoop verwijs ik tot slot naar een draadje op X van Maarten Keulemans van 25 mei 2023: `Deze commissie corona kún je niet serieus nemen. De uitkomst? Nu al totaal ongeloofwaardig. “Ontbinden, ontslaan, die ‘parlementaire’ commissie.” 



Als het de Tweede Kamer erom te doen is het volk te vertegenwoordigen en haar controlerende taak uit te voeren, dan zet ze nu een streep door dit onderzoeksvoorstel. Dit is een schaamteloos wappiecircus en ontneemt de echte slachtoffers hun enige kans om waarheden te vinden. En dat onrecht, kan de Tweede Kamer niet op een kabinet afschuiven. 

Als zorgmedewerker vraag ik me elke dag af: Had ik meer kunnen doen en als ik meer had gedaan, wat was mijn leven waard geweest voor politiek Den Haag? Nu is het jullie beurt om je die vraag te stellen. Had je meer moeten doen en doe het vervolgens ook. Mensenlevens redden. Toon eens wat veerkracht. Maar bovenal: Doe gewoon je plicht. Zorg voor de onafhankelijke Lady Hallet en laat haar woorden resoneren in deze samenleving: Zij die hebben geleden zullen centraal staan.

Het is waar, want dat zegt Johan Derksen

Direct na de Tweede Kamerverkiezingen stond het hele land op z’n kop. Het was óveral, de winst van Wilders. Voor mij voelde het ook als een aardverschuiving, zeker. Toch zette ik alle nieuwsprogramma’s uit. Geen talkshows, geen columns, geen radio. De kerstboom kwam extra vroeg van zolder, de kerstmuziek ging aan. Die rep en roer, de hysterie, de storm zou snel gaan liggen. Of er moest iets nieuws gebeuren, iets spannends. Maar er gebeurde niets spannends, niets onverwachts. Er kwamen een heleboel flutanalyses, niemand maakte een vuist, de PVV werd met de minuut groter. Er stond niemand om die kolder net zo snel weer de nek om te draaien. Pieter Omtzigt en zijn discipelen stonden trappelend vooraan om met dit extreemrechtse feestje mee te mogen doen.

Misschien dat ik me daarom liever even onderdompelde in stilte en kerstsfeer. Stilte geeft een helder hoofd, rust. Want je weet: Als de storm is gaan liggen en er breekt een íjzige stilte aan, dan volgt de acceptatie op de voet. Uit machteloosheid, angst, stiekem toch ook instemming, of om wat voor reden dan ook. Passiviteit, acceptatie, normalisatie, het volgt elkaar op als 1, 2, 3.

Wat je aandacht geeft, groeit

Eerst een klein uitstapje naar iets heel anders. Ik weet het, dit is de tijd van de snappy oneliners, micro messaging en pfoe ja, geen lange teksten want aandachtsboog. Nou, sommige uitstapjes moet je maken. Dus pak een kop koffie, dit gaat even duren.

Als je weleens op social media komt ben je deze uitspraak vast weleens tegengekomen: “Wat je aandacht geeft, groeit.” Vooral tijdens de coronacrisis vloog deze regelmatig om je oren als je desinformatie wilde weerspreken of complottheorieën blootlegde. In principe klopt het. Als je de leugen blijft herhalen, ook al is het slechts om die te weerspreken, dan versterk je die leugen, ongewild. Misschien niet voor jezelf, maar wel voor een ander.

Propaganda betekent heel letterlijk ‘voortplanten’ of ‘verspreiden’. Het idee is dat als je een manipulatie of een leugen maar vaak genoeg herhaalt, het zich in de hersenen nestelt en mensen het vanzelf voor waar aannemen. Zie het als het automatiseren van de hersenen. Het is niks geks of duisters. Die techniek wordt ook op scholen gebruikt en het is reuzehandig: door het steeds weer herhalen van een bepaalde rekenmethode of een som, raakt de informatie automatisch in het brein verankerd. Die informatie kan je voor de rest van je leven binnen een fractie van een seconde ophalen, zonder er nog over na hoeven te denken. Je kan kinderen zo makkelijker leren rekenen, maar je kan er een brein ook mee volstoppen met allerlei andere informatie. 3×3=9. ‘Minder, minder, minder…’

Het propaganda-effect

Psycholoog E. Bruce Goldstein noemde dit het propaganda-effect: Je hebt bepaalde informatie al eerder gezien of gehoord, je slaat dat op in je lange termijn geheugen. Als je die informatie weer tegenkomt, herkent je brein dat en simpelweg omdat je brein het herkent, zou je eerder geneigd zijn die informatie voor waar aan te nemen. Dat effect is des te sterker als de informatie sterke emoties bij je oproept. Tenzij het een sterke aversie is uiteraard. Herhaal, herhaal, herhaal, en het ligt voorgoed in je brein verankerd.

Als ik hier even een hele simpele shortcut mag nemen: in je brein worden het ‘feiten’. Je denkt er gewoon niet meer bij na. Je hoort ‘minder, minder, minder…’ en bij de tweede ‘minder’ hebben je brein en je lichaam hebben hun respons al klaar. Om te illustreren hoe sterk dat effect is, kijken we naar Pavlov. Pavlov deed onderzoek naar de spijsvertering bij honden en de rol van kwijlen. Hij ontdekte dat de honden na verloop van tijd al begonnen te kwijlen, zelfs als er geen eten in de buurt was. Ze koppelden de onderzoeksruimte blijkbaar aan het vooruitzicht op eten. Om dat te testen deed hij meer experimenten. Met het beroemde belletje bijvoorbeeld. En dat werkte hetzelfde. Honden die elke keer een belletje horen als ze te eten krijgen, associëren dat belletje na verloop van tijd zo sterk met eten, dat hun speekselklieren als vanzelf speeksel aan gaan maken als ze dat belletje horen. Dit heet ‘conditioneren’ en dat werkt ook zo bij mensen. Ja, echt. Stalin gebruikte die theorie van Pavlov voor zijn propagandamachine en we weten allemaal welk effect dat had. Dus echt, het werkt bij mensen.

Of vergeet even het woord propaganda. Laten we reclame nemen, marketing. Ga maar eens na hoeveel invloed reclame op jou heeft, hoeveel slogans je kent, waar je bepaalde merken direct mee associeert en hoeveel informatie je dagelijks klakkeloos opslaat zonder er bij na te denken. Duik eens in een keukenkast, of je kledingkast en zie daar: ja, die kast staat vol met onbewust opgeslagen reclameslogans. De neoliberale wereld is ingericht met propaganda: de hele godgvergeten tijd dat je wakker bent wordt het op je afgevuurd. Marketing heet dat. Reclame. De laatste tijd ook steeds vaker ‘nieuws’. Je hersens zijn al zo hypergeconditioneerd, het gaat echt volautomatisch. Dus ja,

Iedereen trapt in propaganda, ja, ook jij

Goed, wat je aandacht geeft, groeit dus. Jij herhaalt bepaalde informatie, bij een ander triggert dat die onbewust opgeslagen ‘waarheden’ en zo verspreidt jij dan zelf de informatie die je eigenlijk wil verwerpen. Willem Engel zei dat eens heel eerlijk op Twitter. Hij bleef zijn rare boodschappen plaatsen onder berichten van mensen die daar helemaal niets van wilden weten. Zij dachten dat ze dan zelf overtuigd moesten raken en gingen een forse discussie aan. Hoe kon Engel zo dom zijn om te denken dat zij te overtuigen waren? Maar daar ging het niet om. Ga je een discussie aan, dan komt die draad keer op keer op keer bij jouw lezers voorbij. En zo kon hij zijn informatie, hoewel hij zelf weinig bereik had, over heel Twitter verspreiden. Wie er vatbaar voor was, kreeg zo constant de herhaling voorgeschoteld. Te simpel voor woorden inderdaad, maar het werkt.

Dus ja, Willem Engel groeide door die aandacht. Maar dan bereikt het een punt dat de informatie al zo wijdverspreid is, dat negeren geen zin meer heeft en eigenlijk een versterkend effect heeft. Pas als mensen begrijpen wat er speelt gaan ze roepen dat je het geen aandacht moet geven. Maar zo werkt het dus niet. De informatie ligt dan al verankerd in het brein van mensen die er bevattelijk voor zijn. Dus ligt die informatie al overal op straat, dan negeer je het juist niet. En dan is het de kunst om die triggers te omzeilen en er andere informatie in te stoppen. Dit heet counterpropaganda en het is een kunst die we in Nederland niet beheersen.

Counterpropaganda

Counterpropaganda is niet: leugens zin voor zin herhalen om het te debunken en er andere informatie tegenover te zetten. Het is het herhalen, herhalen, herhalen van de eigen informatie zonder referentie aan de informatie die je wil ontkrachten. Gisteren las ik overigens een mooi stuk dat het ridiculiseren van de persoon die de propaganda in het leven riep zónder aandacht te schenken aan hun boodschappen nog veel effectiever is, en ik ben geneigd dat te geloven. Bij Willem Engel werkte het namelijk (de salsadanser), bij Gideon van Meijeren (complotmarmot) en Thierry Baudet (knettergek) ook. Je zou denken dat alleen al de verschijning en de ijdelheid van Wilders – zelf de onbetwiste koning van het ridiculiseren – een goudmijn zouden zijn voor ridiculisering. De man is zo kwetsbaar als het vaasje van Rutte.

Iederéén trapt in propaganda. In het bijzonder de aanhangers van extreemrechtse partijen. Je kan je daar over verzuchten, of er je voordeel mee doen. Weg met die andere wang. If you stoop low, I stoop lower. Soms moet je mensen met hun eigen middelen bestrijden. Pun intended.

Dit is het tijdperk van de Große Lüge

Dit is het tijdperk van de Grote Leugen. Maak de leugen gróót, zó groot dat mensen niet kunnen geloven dat je de waarheid zulk grof geweld aan zou doen. Wij leven er al heel lang mee. Niet vanwege Wilders, maar vanwege zijn tovenaarsleerling: Mark Rutte. Rutte beheerst deze techniek tot in de puntjes. Als het om liegen gaat, dan is Rutte de ware meester. Liegen is een fantastische propagandatruc, want ook al wordt de leugen achterhaald, er blijft altijd iets van hangen. Rutte hanteert echt geen andere tactiek dan Wilders. Gouden regels: geeft nóóit toe dat het een leugen is, laat geen ruimte voor alternatieven, concentreer je op één vijand en geef die overal de schuld van, accepteer zelf nooit schuld, maak de leugen groot, en herhaal, herhaal, herhaal.

Dit werkt. Waarom? Omdat mensen in hun “primitieve eenvoud gemakkelijker het slachtoffer van de grote leugen zijn dan van de kleine leugen, omdat ze zelf vaak kleine leugens vertellen over eenvoudige aangelegenheden. Ze zouden zich echter schamen om hun toevlucht te nemen tot grootschalige onwaarheden. Het zou nooit in hun hoofd opkomen om kolossale onwaarheden te verzinnen en ze zouden niet geloven dat anderen zo onbeschaamd zouden kunnen zijn de waarheid op zo’n schandelijke wijze te verdraaien. Ook al krijgen ze de bewijzen, dan nog zullen ze twijfelen en blijven denken dat er misschien een andere verklaring is.”

Klinkt bekend, toch? Hier hebben we lange jaren naar zitten kijken. Er waren genoeg bewijzen dat Rutte loog, en dan won de VVD nóg meer in de peilingen. Mensen bleven het geloven, ook al werden ze zelf slachtoffer van het beleid. Oh en overigens, deze alinea heb ik overigens niet zelf verzonnen. Het is een citaat uit Mein Kampf, van Adolf Hitler, de meester van de propaganda. Hitler noemde zijn theorie ‘de grote leugen’. Die Große Lüge.

De magie van de leugen(aar)

Dus: maak de leugen gróót en stick to it, zelfs als je gezichtsverlies moet lijden. Rutte kon het als geen ander en heeft er verkiezing na verkiezing na verkiezing mee gewonnen. Uiteindelijk was de rek eruit. “Heb ik geen actieve herinnering meer aan,” het is dé nationale grap geworden. Dan weet je, is het op. Ik ben ervan overtuigd dat dat de enige reden was waarom Rutte geen gooi meer deed naar een kabinet Rutte V: Hij was er niet meer mee weggekomen. Kabinet Rutte IV was allang gevallen, binnenkamers. Het was wachten totdat het CDA de stekker eruit zou trekken. Dus deed Rutte het, met een laatste, ultieme leugen. Hij zette Nederland schaakmat.

De VVD had geen geschikte opvolger, dat was nou precies het probleem. En Yeşilgöz mag er weliswaar dol op zijn, ze kan gewoon niet zo goed liegen. Je ziet het aan haar hoofd, ze kijkt er vals bij, op een heel onaangename manier. Zelfs al trek je haar het mooiste witte pak aan en neemt je eigen visagiste mee om haar van het scherm te laten spátten, it’s showing. De VVD was de magie van de leugen kwijt.

De gouden regels van Hitler

Om even terug te komen op Baudet. Indirect dan, want dit gaat over zijn idool Alexis de Tocqueville. Een even verwerpelijke als interessante politiek filosoof. De Tocqueville stelde dat de wereld liever een eenvoudige leugen gelooft, dan de complexe werkelijkheid. Hapklare brokken, makkelijk te begrijpen, het maakt de wereld overzichtelijk. Als de leugen bevestigt wat je wil geloven, als het van iemand komt die je vertrouwt, of bewondert, of met wie je jezelf identificeert, dan geloof je het zonder aarzelen. Het is waar, want Johan Derksen zegt het. Dat effect.

Wilders heeft de gouden regels van Adolf Hitler stevig verankerd in zijn repertoire. Hij begrijpt, net als Rutte, dat mensen graag leugens horen. Of dat de simpele leugen zo ontzettend veel sneller is dan de complexe werkelijkheid, je alleen maar de suggestie hoeft te wekken om bij mensen een sentiment op te roepen (mooi artikel over dit fenomeen hier, trouwens). It is the brain, stupid. Nog zo’n mooie Engelse uitdrukking, als je weet hoe het werkt en waarom het werkt, beat them at their own game. Zeg ik nou dat je net zo hard moet liegen? Niet noodzakelijk. Ik zou denken dat je hetzelfde trucje ook kunt toepassen kunt met de waarheid, maar wie ben ik. Maar áls je dan moet liegen, maak het gróót, stick to it en wees niet zo bang voor gezichtsverlies.

De leugen regeert, weer

En zo zijn we terug bij het begin. Over zwijgen. De beoogde regeringspartijen zitten met de gordijntjes dicht aan tafel te onderhandelen over onze toekomst. Een tafel vol leugenaars die hele oprechte afspraken gaan maken over het waarborgen van onze Grondwet, ja, heus waar. Wilders slingert via Twitter af en toe nog even een leugentje de wereld in, om het vuurtje bij zijn aanhangers te laten smeulen, maar verder zijn de gordijntjes inderdaad dicht. Zes weken lang is er geen nieuws te melden. Een mooie afkoelperiode. Voor iedereen. En het koelt inderdaad af.

Maar je weet: Als de storm is gaan liggen en er breekt een íjzige stilte aan, dan volgt de acceptatie op de voet. Nieuws, geen nieuws, nu is de tijd om de wind te andere kant op te draaien, want die nieuwe wind in de Tweede Kamer is helemaal niet fris. Dus hou op met dat dood op je rug liggen. Boehoe, ja, het is heel erg allemaal. Je bent superinteger en dat soort dingen meer, maar nu gaat die rug recht. Dus ja, je liket en retweet je de moeder. Ik zou ook nooit stemmen op Jetten, of Timmermans, maar wat krijgen zij de komende tijd mijn steun zeg. Dit was de laatste “ik ben het eigenlijk nooit met hem eens, maar…” Ik steun, punt. Want één ding is namelijk echt waar, van wat Johan Derksen allemaal zegt: Mensen zien Wilders als de reddende engel. Zitten ze hoor, aan de kersttafel, met de gordijntjes dicht: Judas, de Messias (ik moet zelf steeds aan Absolom denken, eigenlijk), een Engel, Jezebel en het serpent. Fijne kerstdagen!

Dit is het land van lafaards, en het is oer- en oerlelijk

Vorige week lanceerde Mark Zuckerberg’s Meta het social media platform Threads in Europa. Vele zoekende X-gebruikers die zat hebben van de extreemrechtse trollen op X/Twitter, hopen er hun nieuwe toevluchtsoord van te maken. Een paar invloedrijke (ex-)Xers gaven het een go, dus Threads moet het worden. Dus maakte ik een account aan en wilde er vanmorgen in mijn koffiepauze voor het eerst echt een kijkje nemen.

Oh ironie, wie had het kunnen denken. Het allereerste bericht in mijn tijdlijn kwam niet van het ‘linkse bolwerk’ dat er zou zitten, maar van wappie-overste Marianne Zwagerman in gesprek met Maurice de Hond. Een té kinderlijk gesprekje eigenlijk, tegen zo’n blckbx-achtige achtergrond, van twee foute figuren die samen bespreken hoe linkse prominenten zouden inspireren tot gewelddadige aanvallen op PVV-Kamerleden. Prachtige samenloop van omstandigheden, zou je het kunnen noemen. Die aloude morele chantage – dat je aan zou zetten tot geweld als je extreemrechts veroordeelt – die antiracisten nu al heel lang gedwee in een hoekje trapt, prijkt bovenaan het beoogde nieuwe linkse bolwerk om het boeltje daar er nog eens aan te helpen herinneren: jullie worden in de gaten gehouden. Nou ja, dat werkt al heel lang heel erg goed, dus waarom niet. De ervaring leert dat als je je krachtig uitspreekt over verwerpelijk gedachtengoed, je daar uiteindelijk helemaal in je eentje voor door het slijk getrokken wordt en dat al die goede, rechtschapen mensen dan netjes de andere kant opkijken, bang als ze zijn om met je geassocieerd te worden.

Briljante zet dus, zou je kunnen zeggen. Maar ach, het was tegelijkertijd niet eens nodig. Op Threads is het vooralsnog een grote chaos van aan de ene kant Instagrammers die het maar saai vinden zo zonder beef en wanhopig op zoek zijn naar volgers, en aan de andere kant de vluchtende X-ers die elkaars achterwerken nog aan het besnuffelen zijn en vrolijk kwispelend rondlopen met allerlei spitsvondige oneliners en eigenlijk ook wanhopig op zoek zijn naar volgers. Het doet je de moed in de schoenen zakken. Je zou denken dat zo’n verkiezingsuitslag vraagt om een stevig antwoord, om vastberadenheid en een zekere strijdlust, maar het gaat er over ‘patat of friet’, hoe fijn het is om van Twitter verlost te zijn (terwijl ze ook nog op X/Twitter posten trouwens) en het vormen van kliekjes, zo snel mogelijk bij de ‘in crowd’ horen, dat is het doel.

Ik begrijp dat gevoel maar al te goed hoor, maar kom op. Twitter was al heel lang een heel giftig platform en toen Musk de boel overnam had iedereen daar acuut weg moeten vluchten. Als je principes je lief zijn tenminste. De man gebruikte zijn platform om mensen door zeer dubieuze ‘journalisten’ door het publiek te laten veroordelen met zijn Twitterfiles, hij bracht het leven van één van zijn medewerkers in gevaar door hem van pedofilie te beschuldigen, hij liet de extreemrechtse drek vrijwel direct uit alle hoeken naar beneden druipen. De meesten bleven. Geen zin om ‘opnieuw te beginnen’, zo’n ander platform was rete-ingewikkeld en eigenlijk ja, eigenlijk weten we allemaal wel dat slechts sommigen dat platform nodig hebben om actie te voeren, en dat komt alleen maar omdat op X/Twitter belangrijke influencers zitten die op hun beurt geen andere goede reden hadden dan zich met man en macht vast te houden aan hun dagelijkse portie likes. Maar X maakt het gebruikers steeds moeilijker om gratis te influencen en zelfs als je betaalt om je tweets meer prominent in mensen hun tijdlijn geslingerd te krijgen, dan nog word je bekogeld met honderden haatberichten van rechts-extremisten. Nee, nú vertrekken van X is nauwelijks heldhaftig te noemen. Eigenlijk is het een afdruipen met de staart tussen de benen.

Journalisten, opiniemakers en politici

Tja, hoewel ik de meesten gewoon hoog acht, of aardig vind, vind ik het ook wel ontiegelijk laf. Juist op het moment dat je je stem moet laten horen en je juist níet moet laten intimideren, kies je het hazenpad. Sjonge jonge. Ik wist vanmorgen gelijk weer waarom Musk voor mij vorig jaar eigenlijk slechts de laatste druppel was om afscheid te nemen van dat platform. Ik was er weliswaar weg voordat Musk zijn wasbak er goed en wel had kunnen installeren, maar eigenlijk zocht ik al langer een excuus om dat hoofdstuk af te sluiten en er niet meer terug te keren. De enorme lafheid die er heerst, de halfslachtigheid, het narcistische gedrag, de constante zelfverheerlijking, de hunkering naar likes en volgers, het stond me al veel langer tegen. Het wás een giftig platform, het ís een giftig platform en het zal altijd een giftig platform blijven. Maar helaas is en blijft het een invloedrijk platform. Het is dé plek waar grote organisaties, overheden, politici, wetenschappers, journalisten en opiniemakers samen klonteren. De invloedrijken der aarde. En het is nou juist die mix van mensen, omringd door normale stervelingen die hopen ook een beetje invloed uit te kunnen oefenen op ‘de macht’, die van X/Twitter een ondraaglijke plek maken om te zijn.

Bubbels met eigen influencers en een eigen cultuur

Je moet je het platform zo voorstellen: wat je te zien krijgt is afhankelijk van wie je volgt. Volg je helemaal niemand, dan krijg je van Musk een hele feed van mensen als Zwagerman, De Hond, het kliekje van omroep On! en dat soort figuren voorgeschoteld. Alsof je in de hoofden van het klantenbestand van De Telegraaf rondwandelt. Volg je wat journalisten en politici, dan kom je in een heel ander netwerk (of bubbel) terecht. Zelf wil ik dit weleens de ‘elite clique’ noemen. Dit is waar de consensus wordt bereikt. Ben je populair in deze clique, dan heb je invloed, of krijg je een column of iets dergelijks. Volgers. Likes. Véél likes. Een con-ti-nue stroom aan likes. En daar ligt de valkuil. Speelden ze zich eerst nog in de kijker door hun opvallende mening, zo gematigd worden ze zodra ze gewend zijn aan die likes. Niet teveel uit de pas lopen, want de elite clique hijgt je constant in je nek, op zoek naar díe ene set van 280 tekens die je van je troon kan stoten.

Die bubbel vormt een walgelijk strakke dwangbuis waar je constant op moet letten wat je doet. Like de verkeerde tweet en er hangt iemand in je inbox om je tot de orde te roepen. Associeer je niet met ‘die of die’, ‘dat’ soort tweets liken is not done. Je reputatie hangt af van iedere interactie die je aangaat, al is het maar omdat je een tweet apprecieert die niet zo lekker valt binnen die clique. Zo mag je best zeggen dat Rutte liegt, maar hem een notoire leugenaar noemen is een brug te ver. Als de clique vol adoratie jubelt dat Rutte zo’n práchtige speech gaf over groepsimmuniteit, dan staan de kranten de volgende dag vol met absurde aanbidding en prenten van ‘staatsman Rutte’ met een koninklijke mantel om zijn schouders. In die clique mag racisme geen racisme heten, is er wel vriendjespolitiek maar neem je het woord corruptie niet in je mond en ben je vooral ‘redelijk’. Ofwel: je vergoelijkt wat het daglicht niet kan verdragen, want je mag wel prominent zíjn maar er toch alsjeblieft geen prominente mening op nahouden. Je mag wel kritiek hebben, maar gematigd. Altijd dat oog hebben voor ‘de andere kant’ van het verhaal. Niet polariseren! Like. Like. Like. Like. En we weten inmiddels wel dat likes en een grote schare aan volgers zo verslavend is als hard drugs, dus ze zwichten ervoor.

De waan van de dag

X/Twitter dríjft op de constante ophef en boosheid over allerlei actualiteiten van haar gebruikers (mensen zijn er zelfs om 11 uur ‘s avonds nog boos met allerlei politieke en actuele zaken bezig), toch moet je er ook weer niet té hartstochtelijk een mening op na houden. Je hebt binnen no-time een mening in 280 tekens klaar over de toeslagenaffaire, de oorlog in Oekraïne, de pandemie, de rechtstaat, over van allerlei totaal uiteenlopende zaken eigenlijk. Tijd om erover na te denken heb je niet eens, want de bubbel is alweer bezig met de volgende ‘waan van de dag’. Overbodig om uit te leggen misschien dat veel mensen elkaars tweets en meningen kopiëren en elkaar na-papegaaien en zo expert zijn in werkelijk ál-les, het is doodvermoeiend.

Nu was Twitter eigenlijk altijd al een plek waar prominenten koketteren met leed, en waar vooral óver slachtoffers gepraat wordt die eigenlijk dienen om de eigen persoonlijkheid aanzien te geven. Dit soort gedrag werd het allerlelijkst uitvergroot tijdens de pandemie, toen een heel leger medisch kwetsbaren hun toevlucht zochten op Twitter, in de hoop daar hun lot en leed onder de aandacht te kunnen brengen. Dit ging om mensen die tijdens zo’n heel indrukwekkende crisis het meest kwetsbaar waren van ons allemaal. Maar kwetsbaren zijn sowieso niet zo aantrekkelijk op X/Twitter. Onderwerpen als ouderenzorg, gehandicaptenzorg, dat soort zaken, ze scoren gewoon niet. Ook toen deze medisch kwetsbaren heel X/Twitter op z’n kop zetten omdat ze als dor hout afgeschreven werden door opiniemakers, journalisten, sommige politici en ja, ook door het coronabeleid, konden ze op weinig steun rekenen. Het ging tegen de Twitter consensus van ‘ons beleid is goed’ in en dus werden ze grotendeels genegeerd.

Echt een buiging voor de journalisten die hun verhalen toch publiceerden, want de clique had toch wel bepaald dat ze ‘net zo erg waren als wappies, misschien nog wel erger’. Vervelend. Irritant. Niet realistisch. (Like, like, like!) Dat deze mensen vochten voor hun leven en daarbij gewoon recht op steun en begrip hadden, juist omdát ze kwetsbaar waren en nauwelijks middelen of mogelijkheid hadden om voor zichzelf op te komen, ik weet niet of het überhaupt wel doordrong. Hoe ze werden weggezet als zeurpieten, aandachttrekkers, hoe totaal ongevoelig hun lot werd weggewuifd als ‘oninteressant’ terwijl zij in een totaalisolement terecht waren gekomen. Eerlijk gezegd, ik vond het schokkend. Ik heb nooit eerder zo gehuiverd van mensen als toen. Het totaal ijdele gekoketteer met andermans leed om zichzelf te profileren, Xfluencers die uitademen zo betrokken en zo goed van inborst te zijn die deze kwetsbaren hun rug toekeerden terwijl ze de macht en invloed hadden om te helpen, ik kan nog misselijk worden als ik er aan denk. Terwijl de ene vinger verwijtend anderen aanwees als verachtelijke ‘dor hout’ aanhangers, staken ze zelf geen vinger uit om te helpen. Ook op Twitter kwam de groep in een isolement, want even verwerpelijk als wappies dus moest je je er niet mee willen associëren, want dat kostte je je likes, likes, likes.

Lafaards

Sociale media zijn een plek voor verslaafden geworden, wat een totaal verknipte werkelijkheid creëert en een zieke invloed heeft op de publieke opinie. Nederland is maar een piepklein landje en wie invloed heeft in de media, staat eigenlijk heel dicht bij de macht. Maar Nederland is ook een laf landje. Je moet je kop niet boven het maaiveld uitsteken, ik weet het. Mensen houden er niet van, dat is één – maar daarnaast moet je gewoon uitkijken, want voor je het weet ligt jouw kop eraf en kijkt iedereen snel de andere kant op. Bang als ze zijn dat ook zij een deukje oplopen. Bang voor confrontaties. Bang om niet te deugen. De gemiddelde Nederlander is zó makkelijk te intimideren dat je met een simpel woord als ‘deugen’ al iemand de mond kunt snoeren. Dat deugt niet.

De pandemie was een ongekende crisis, die had gevraagd om wat moed en empathie. Een tijd waarin je medemenselijkheid had kunnen tonen. En na die grote crisis, komen we nu in een andere crisis terecht. Dat vraagt niet om gematigdheid en rondkwispelen op Threads, wanhopig op zoek naar je dosis dopamine (like!). Deze tijd vraagt om moed, uitgesprokenheid en mensen die die cultuur van lafheid doorbreken. Deze tijd vraagt er niet om om ineen te krimpen en weg te vluchten met de staart tussen je benen.

De fase van verkenning, aftasten en formeren is niet de tijd om stil te vallen. Nú is de tijd om flink wat rumoer te maken. Laat die partijen weten wat je ervan vindt, want zwijgen is toestemmen. Emotionele chantage met termen als ‘demonisering’ of ‘de kogel kwam van links’, mark my words, we zullen het de komende tijd heel regelmatig in allerlei variaties tegenkomen. Het werkt namelijk al heel wat jaren heel effectief om ‘links’ de mond te snoeren. Maar alsjeblieft zeg, het is inmiddels toch wel wat sleets geworden? Wilders fans houden toch juist van dat ‘recht voor z’n raap’? Je moet toch alles in duidelijke, harde taal kunnen zeggen? Nou dan. Groei wat eelt op je ziel en kick die likesverslaving. Ik heb mijn X/Twitter account uit de mottenballen gehaald, met mijn nekharen rechtovereind, dat geef ik toe. Maar geen staart tussen de benen, het strijdtoneel op. Wat kunnen mij die paar honderd trollen nou helemaal schelen? Ik durf er geld op in te zetten dat er heel wat betaalde trollen met tig verschillende accounts met een productietarget tussen zitten. Gewoon om je te intimideren. Om de publieke opinie te kunnen beïnvloeden en gijzelen. Nou, mij niet. Wat mij betreft geen extreemrechtse regering. Wilders wordt nooit mijn premier. Nooit. Dus, Pieter Omtzigt, ook al krijg ik er duizenden haatreacties om, ik kijk naar jou. Je hebt de sleutel in handen. Waar ga je ons aan overleveren?

Het was blijkbaar tijd

Het is al een tijdje geleden dat ik een column schreef, dus het is wat roestig, ik heb er eigenlijk geen tijd voor en Image Creator en ik moeten nog aan elkaar wennen. Het is een beetje klunzig en van de hak op de tak, maar daar gaan we.

Het was oktober 2020. Ik zat bij het Red Team en voerde ‘campagne’ voor een meer beschermend coronabeleid. Een waanzinnige drukke tijd, waarin ik naast het hele social media circus ook heel regelmatig in de reguliere media kwam. Hoewel ik echt geen groentje was op het gebied van ‘media’, voelde dat als laveren in een mijnenveld. Ik was er al een paar keer mee op mijn bek gegaan. In Sierra Leone heb je geen onafhankelijke media en eigenlijk ook helemaal geen echte vrijheid van meningsuiting. Het is oppassen geblazen als je kritiek wil uiten op beleid. Toch heb ik me er daar altijd zonder grote moeite doorheen geslagen. Het was tricky, maar straight: Die krant was overduidelijk een bondgenoot van politieke partij x, dat radiostation was overduidelijk een bondgenoot van politieke partij y. Het was helder.

In Nederland is het helemaal niet zo helder. Hier zijn alle nieuwsmedia onafhankelijk, objectief en ‘goed’. De verdeling binnen het het politieke kleurenpalet is meer subtiel. En uiteindelijk dragen ze allemaal toch het stempel ‘betrouwbaar’. Dat is nergens ter wereld zo, dus ook in Nederland niet, maar omdat de nieuwsmedia hier een bepaalde onaantastbare status hebben, weet je vaak niet waar je voor staat. Hoe komen ze eigenlijk aan die onaantastbare status?

Enfin. Nederland is een piepklein landje, met onvoorstelbaar véél nieuwsmedia. Zó belachelijk veel (betalende) nieuwsconsumenten zijn er nou ook weer niet, dus de concurrentie is gigantisch. Om kijkers, lezers en luisteraars naar zich toe te trekken, moeten mediakanalen vooral spraakmakende dingen brengen. In die valkuil was ik al een paar keer getrapt. Zat ik in een live radio-uitzending ineens tegenover hoogleraar Ira Helsloot, die niet alleen een hele duidelijke ideologie uitdroeg, maar ook klinkklare leugens zat te spuien aan de hand van allerlei data die helemaal niet bestonden. En de presentator die van toeters noch blazen wist die me dwong om daar een reactie op te geven. Dat is niet te doen. Presentatoren zijn überhaupt vaak heel slecht op de hoogte van het onderwerp. Hun programma’s zijn opgedeeld in items van steeds een paar minuten. De kennis die ze zouden moeten hebben om een onderwerp verantwoord te brengen, dat is voor een mens gewoon niet haalbaar. Dus dan zit er iemand straffeloos allerlei fabels als feiten op te lepelen, je kan er niets tegenin brengen want de presentator geloof het en voor je het weet staat het op de voorpagina van de krant.

Iets dergelijks gebeurde ook bij mijzelf, trouwens. Nou ging het niet om een fabel, maar het laat goed de dynamiek van die ophefcultuur binnen de Nederlandse nieuwsmedia zien. In september 2020 was zo’n beetje iedereen er nog van overtuigd dat corona wel voorbij was. Het toen zittende kabinet was uitgebreid op vakantie geweest, er was geen voornemen om nog maatregelen te nemen, Nederland moest zoveel mogelijk open. Corona greep echter om zich heen en ging als een lopend vuurtje door de scholen. In die tijd deden we nog net alsof kinderen geen corona konden doorgeven, dus het was nogal spannend om dat hardop in de media te zeggen. Ik deed het, maar ik was één van de weinigen en bovendien geen viroloog. Ik werd er een beetje een controversieel figuur door. Voor de ene journalist was ik een absolute no go, een soort ‘Willem Engel van de andere kant’. Voor de andere journalist was ik dan weer ontzettend interessant. Soms ook juist om die reden.

Het was een bijzonder ingewikkelde tijd. Terwijl overal ter wereld de mondkapjes weer tevoorschijn kwamen, scholen werden gesloten en andere preventieve maatregelen werden genomen, was Nederland een wereldje op zich. Volkomen naar binnen gericht, hadden we hier blijkbaar met een heel ander virus te maken. Dat was bizar. Vele nieuwsmedia sloten de gelederen: de overheidsboodschap was heilig. Als Van Dissel zei dat jongeren elkaar niet besmetten, of als ze het wel deden, dan alleen als ze samen op de fiets naar school reden, dan publiceerden ze dat. Er waren ook journalisten die de waanzin daarvan prima inzagen, maar dat soms niet mochten publiceren van hun redacties. Hadden ze een prachtig stuk geschreven, prachtig in balans, vaak gecheckt met de stand van de wetenschap die tot buiten Nederland reikte, werd er vlak vóór publicatie toch van alles geschrapt, of de boodschap afgezwakt.

En toen ineens, op een anderszins rustige ochtend in oktober 2020, stond mijn telefoon roodgloeiend. Het was niet normaal. Ik had die ochtend bij FunX radio een aardig gesprekje gehad over corona op scholen en had daarna een online interview met één van mijn eigen respondenten. Niet onaardig bedoeld, best een leuk radiostation, maar wie in hemelsnaam luistert er helemaal naar FunX radio? Het is nou niet bepaald een invloedrijk nieuwsmedium. Toch? Blijkbaar wel, want ineens was ik de headline op televisie, radio en kranten: ‘Red Team lid roept op tot sluiting scholen’. Ongelofelijk. Ik wist van niks. Van andere journalisten begreep ik dat dat leuke, best informele gesprekje op FunX radio waarin ik had gezegd dat de scholen sluiten verstandig zou zijn, door ‘iemand’ was aangegrepen en de wereld in is geslingerd als oproep van het Red Team. Ik had er helemaal geen oproep toe gedaan. Niet op dat moment, niet in dat gesprek. Het was blijkbaar tijd. Niemand was achterlijk, ook al deden velen alsof, maar iedereen wist best dat die scholen dicht moesten. Er was alleen iemand nodig die het verhaal kon brengen om de politiek onder druk te zetten en ik was de useful idiot. Tegen wil en dank. Wat een streek werd me daar geleverd.

Het Red Team was in rep en roer. Ik had blijkbaar op eigen houtje een oproep gedaan namens het Red Team wat helemaal niet was besproken en dan was ik ook nog onbereikbaar. Ook hún telefoons stonden roodgloeiend. Sommigen probeerden mijn ‘zogenaamde’ oproep af te zwakken, waardoor ik er helemaal idioot op stond. Het was één grote bende. Het werd een krankzinnige week, waarin ik zelf ook niet de allerbeste beslissingen heb genomen. De totale verbazing over wat me overkwam, de spelletjes die met me gespeeld werden, niet voor een karretje gespannen willen worden, maar toch de mogelijkheid willen aangrijpen om de discussie over het coronabeleid te kunnen beïnvloeden, het trok me alle kanten op. Nu ga ik echt wel graag prat op mijn integriteit, maar dat is toch niet een periode waar ik met een gerust hart op terugkijk. Het zou een best moment zijn geweest om me terug te trekken óf tijdens een van mijn ‘optredens’ bij radioprogramma’s of talkshows plompverloren de waarheid te zeggen: ‘Ik heb zo’n oproep helemaal niet gedaan’. Een heel kort en heel makkelijk zinnetje wat er maar niet uit wilde.

Dit voorbeeld is er één in een reeks van vele waar ik me vaker in de val gelokt heb gevoeld. Zo gaf ik eens een interview voor het avondnieuws op *een* kanaal, heel genuanceerd en afgewogen en werd me nadere uitleg gevraagd over wat een lockdown dan eigenlijk wel is, in mijn ogen. Ik stond het gewoon uit te leggen in de veronderstelling dat dat niet bij het interview hoorde, maar precies met díe uitleg en niets anders was ik in het nieuws. “Grenzen sluiten, vliegverkeer platleggen,” dat soort uitspraken, alsof ik een oproep deed. Ongemakkelijk, om het maar zacht uit te drukken. Dit hele spel, ik ben er niet goed in. Soms heb ik het in mijn voordeel weten te gebruiken, maar vaker was het in mijn nadeel. Als bepaalde nieuwsmedia het niet eens waren met het beleid, dan zochten ze een poppetje die ophef kon veroorzaken om bepaald beleid af te dwingen of niet door te laten gaan. En net iets te vaak bleek ik zo’n handig poppetje. Ik heb echt journalisten aan de lijn gehad die een bepaald verhaal wilden brengen en dan een quote van mij wilden om er wat gezag aan te geven. Ik zei steeds vaker ‘nee’, of wist mijn eigen voorwaarden te stellen en uiteindelijk heb ik me er helemaal uit teruggetrokken. Het is niet gezond, niet normaal en bovendien is het gevaarlijk als je zelf geen vat hebt op hoe je uitspraken in de media ingezet worden.

‘De MSM’ als één samenwerkend blok, dat bestaat niet. Propagandakanalen? Die wel. Media met een eigen agenda? Die ook. Media-outlets die op een onverantwoordelijke manier met hun macht omgaan? Zeker. En het is een groot probleem. Dit is een zeer roerig landje, met teveel mensen die heel makkelijk en heel graag dreigen met geweld. Schrijf dat je opa een leuke dag had en je mailbox stroomt over van de dreigementen, er is niet veel voor nodig. In zo’n land is niemand met een enigszins openbaar profiel veilig en is het dus ook oppassen geblazen wat je ín, maar ook óver de nieuwsmedia zegt. Dat begrijp ik maar al te goed. Daarom liet ik het over me heen komen en heb ik me als gewillig slachtoffer als speelbal heen en weer laten slingeren. Ik heb niets met dat rare ‘MSM’ gewauwel. Journalisten zijn belangrijk, maar niet onaantastbaar. Geen enkele vorm van macht mag vrijgesteld worden van kritiek en zo ook de nieuwsmedia in Nederland niet.

Het is tijd om die nieuwsmedia ter verantwoording te roepen. We hebben toegekeken hoe de VVD een migratiecrisis verzon en straffeloos de ene fabel na de andere, ongecorrigeerd, de wereld in mocht helpen, waardoor we nu met een politieke crisis zitten. We zagen hoe het ene mediakanaal na het andere Geert Wilders ineens als ‘mild’ naar voren begon te schuiven. En toen we Maurice de Hond – die als enige ter wereld een zogenaamd lablek in de smiezen heeft, waardoor corona de wereld in is gebracht en zich omringd en gevierd weet door ‘s lands meest krankzinnige complotdenkers, terwijl hij ook nog tijd heeft om helemaal in zijn eentje de hele Nederlandse samenleving te doorgronden – ineens als meest belangrijke duider van de Nederlandse kiezer overal zagen opduiken om de PVV aan de kiezer te verkopen, hadden we kunnen weten: het was tijd. Er was een useful idiot. Een aantal invloedrijke nieuwsmedia vonden het blijkbaar tijd om Wilders naar voren te schuiven. En zo geschiedde. Net zoals zij de komende tijd hun invloed zullen gebruiken om Wilders schoon te wassen van al zijn zonden. Kranten vol columns van mensen die totaal wazige analyses loslaten op de samenleving, gaan analyseren waarom de PVV zo gevaarlijk niet is, wat er zo goed is aan de nieuwe Kamervoorzitter en ons allemaal gaan vermanen dat we niemand mogen demoniseren, want ‘niets is vergelijkbaar met de jaren 1930’ en ‘de kogel kwam van links’.

Met steeds diezelfde bewoording, zorgen zij er al zo lang voor dat het ‘redelijke midden’ heel redelijk in het midden blijft zitten. Als de handige, totaal naïeve buffer die zij al jaren zijn. Door ze constant aan te spreken op hun behoefte om ‘fatsoenlijk’ te zijn, waardoor ze zich liever keren tegen de heldhaftige pacifist die de woorden ‘domme lul’ durft te bezigen, dan tegen de enorm agressieve haat die er van extreemrechts afkomt. Zíj mogen intussen alles zeggen en alles en iedereen demoniseren, bedreigen en kapot maken. Want de kogel kwam van links.

Ik ben niet links. Ook niet rechts. Ik weet niet eens wat ik ben, want ik stem nu al zo vaak strategisch, dat ik niet eens meer weet wat ik zelf vind. De kogel kwam niet van mij. Die was helemaal van Volkert. Maar ik heb geen angst meer voor het creëren van een zogenaamd ‘klimaat’, want man o man, die angst voor een zogenaamd klimaat heeft een hele gure storm veroorzaakt. Om het in de woorden van de AIVD te zeggen: “Rechts-extremisten vormen een dreiging voor de nationale veiligheid en democratische rechtsorde omdat zij antidemocratische doelen nastreven, al dan niet met ondemocratische middelen.” Extreemrechts hééft al een klimaat gecreëerd. Dus. Een koekwaus is een koekwaus. Een complotdenker is een complotdenker. Wilders is niet mild. Een fascist is een fascist. Racisme is racisme. Iets is niet per se goed of onschuldig omdat een ‘blok kiezers’ een bepaalde ideologie aan de macht wil. En de jaren 1930 zijn niet uniek in de geschiedenis van de mensheid. Het is tijd om de angsthazerij neer te leggen.

Wees wars van journalisten die de hele dag op het X/Twitter van de extreemrechtse Musk zitten, en denken vanaf daar hun thermometer in de samenleving te kunnen steken. Vergeet die domme analyses van intellectuelen die de wereld vanaf hun luie leunstoel wel even zullen doorgronden en je vertellen hoe je wel of niet moet denken. Ik woon in een PVV gemeente in een heuse PVV wijk en ik heb werkelijk geen idee. De een vindt dat “het echt de spuigaten uitloopt met die vluchtelingen, want als je gaat winkelen in de stad word je in het Engels geholpen” (joehoe, dat zijn arbeidsmigranten en die zijn er om je huidige welvaart veilig te stellen), de ander is helemaal klaar met die leugenaars van de VVD en vindt het “fantastisch hoe Wilders ze de waarheid zegt”, weer een ander houdt zich “niet zo bezig met politiek, maar begrijpt Wilders tenminste” en “hij staat tussen de mensen” (hmpf), en eigenlijk hoor ik nog het meest dat mensen nooit meer VVD willen, “maar ook niet die Timmermans want die wil de hypotheekrenteaftrek afschaffen en bij Wilders is die tenminste veilig”, want hoe anders moeten ze anders hun hypotheek betalen en kunnen hun kinderen straks nog wel een huis kopen? Uiteindelijk weet niemand het antwoord, en is het tegelijkertijd niet zo moeilijk: Populisme scoort en racisme is geen bezwaar. Meer hoef je niet te weten.

Nederland heeft geen goede analisten. Of nee, dat is niet waar, ze zijn er wel, maar die willen niets te maken hebben met dat spel in de Nederlandse media. Want een klimaat, dat is er zeker. Er heerst een klimaat van bedreiging, van krankzinnigheid en totale domheid. We hebben een Tweede Kamer die voor de helft gevuld is met complotdenkers, rechts-extremisten, krankzinnigen en volslagen opportunisten. We hebben bijna geen nieuwsmedia over die niet de foute Telegraaf zijn, of zich er mee vereenzelvigen. Nog even terug naar het begin. In sommige landen is er geen vrijheid van meningsuiting en is het oppassen geblazen als je kritiek wil uiten op beleid. In Nederland is dat gelukkig niet zo. Je kán en mág zeggen wat je vindt. Maar in Nederland hebben wij een ‘redelijk midden’ dat je de mond snoert als je spannende dingen zegt. Een redelijk midden dat het levensgevaarlijk maakt om kritiek te uiten. Hun angst om de macht daadwerkelijk te bevragen, heeft ons hier gebracht. Want haat vind je in iedere samenleving, de wens om mensen die op wat voor manier dan ook kwetsbaar zijn te mogen vertrappelen, discriminatie op allerlei gronden ook, en racisten ook. Het kan alleen gedijen als het de ruimte krijgt om te groeien.

Het is tijd. Dat enorme ‘redelijke midden’ moet haar terrein niet zo braak laten liggen. Braakliggend terrein is gevoelig voor onkruid. Nu heeft er een zeer invasieve soort op wortel geschoten. Gaan we rigoureus wieden, of gaan we er jarenlang heel redelijk tegenaan staan wauwelen – zolang we maar niemand, godbetert, een domme lul noemen – en zien we wel hoe goed het kan woekeren? Angst is een goede voedingsbodem. Voor van alles. Roer je. En geef Peter Breedveld een column. Wie weet, durven we dan allemaal wat meer.

Onmenselijkheid

Zo begon het vorig jaar, met een “wow”. En hoop. Hoop dat het Kabinet zich eindelijk écht zou bekommeren om de ‘kwetsbaren’, na 2 jaar isolatie. Dat gesprek kwam er, met de minister. Het was indrukwekkend. Althans, voor mij. Sommige aanwezigen deelden hun zeer persoonlijke verhalen, er vloeiden tranen, maar er was ook boosheid en frustratie. Minister Kuipers hoorde het aan en leek er toch even begrip voor te hebben: dat deze mensen door het gevoerde coronabeleid volledig in een isolement zijn geraakt, dat ze niet meer weten waar ze het moeten zoeken en constant moeten vechten tegen het onbegrip in de samenleving. Zij kunnen niet meedoen. Hun partners staan aan de zijlijn, hun kinderen hebben geen normale levens meer. Corona is een constante dreiging, 365 dagen per jaar. We spraken af verder te praten over het rapport om, zoals de minister in bovenstaande clip ook zegt, de “kwetsbaren zo goed mogelijk te beschermen”.

Maar de minister heeft duidelijk twee gezichten. Eén gezicht die beloftes doet en dat andere gezicht, dat die beloftes hetzelfde moment al verbreekt. De economie moest op de eerste plaats komen – alsof dat de hele crisis lang al niet het geval is geweest – corona werd een ‘ondernemersrisico’, de minister van Volksgezondheid gaf zijn verantwoordelijkheid over aan ‘de burger’. We moesten het zelf maar gaan doen. Blijven opletten rond ‘kwetsbaren’, maar voor de rest: alle remmen los. Ongebreideld consumeren, de hort op, de drukte weer in, de economie weer op volle toeren laten draaien. Wie kwetsbaar is, is dat altijd – aldus de minister – dus ze moeten zichzelf maar beschermen. Thuis. Tussen vier muren. En dat was dat.

We kregen gesprekken met topambtenaren van VWS, dat wel. Maar ieder gesprek was een teleurstelling. Rapport niet gelezen, er gebeurt heel veel (op papier), protocollen, proportionaliteit, beleidstafel, draagvlak, politieke werkelijkheid, allemaal ambtelijke oplossingen voor het grootste probleem: hoe houden ze ons koest? Meer is het niet. Een afvinklijstje zijn we geworden: we zijn in gesprek dus de minister betrekt ons bij het beleid, aan verplichting voldaan. Maar meer dan praatjes zijn het niet. Ik chargeer geen letter. Voor ouderen, medisch kwetsbaren en long covid patiënten gebeurt weinig tot niets. Het doet er niet toe. De media interesseert het nog nauwelijks, Kamerleden hebben het ook van hun lijstje gestreept, het OMT … ik weet niet eens meer wat ik daar op moet zeggen. Het gaat ook bij het OMT de hele crisis lang al om proportionaliteit, wat had ik anders verwacht? ‘Kwetsbaren zijn altijd kwetsbaar’, ‘hun dood hoort er nou eenmaal bij’. ‘Het mag wat kosten’. Ja, het mag wat kosten. Alleen geen geld. En geen moeite.

Lang heb ik me ingehouden, omdat ja, hoewel ik gewaarschuwd was voor de tactieken van dit Kabinet en de modus operandi van VWS om belangengroepen binnen te trekken met als enige reden hen de mond te snoeren, ik wilde het voor niemand verpesten. Stel dat er toch een millimeter ruimte was, stel dat we toch een ambtenaar met enig gevoel in zijn of haar donder zouden treffen, stel dat we toch medemenselijkheid tegen zouden komen bij VWS. Stel dat. Maar er is geen stel. Het interesseert helemaal niemand daar in Den Haag. Nederland draait door. Jammer dan dat vele honderdduizenden mensen niet écht mee kunnen doen, jammer dan dat de sterfte onder ouderen aanhoudend hoog blijft, jammer dan corona rond blijft waren onder demente ouderen in verpleeghuizen. Jammer. Heel jammer. Jammer ook van al die mensen die vreselijk ziek blijven van een milde COVID-infectie. Jammer van die kinderen die invaliderend ziek zijn geworden. Jammer ook dat geen hond meer naar je omkijkt, dat je geen normaal leven meer kunt leiden, dat je in de financiële problemen komt, dat Veilig Thuis zich met je gezin bemoeit omdat je groot risico loopt op ernstige gezondheidsproblemen door COVID.

Jammer ja. Of eigenlijk is het niet eens jammer, het doet er gewoon niet toe. Wie heeft het er nou nog over? Wie spreekt zich er nog over uit? De ombudsman? Die vindt het niet zijn taak. Het College voor de Rechten van de Mens? Die vindt wel dat het niet ok is, maar zal zich er verder ook niet hard voor maken. Kamerleden? Tuut tuut tuut. De media? Waar staan die berichten over de ongelofelijk onmenselijke en wrede houding die we als samenleving aannemen ten opzichte van onze allerkwetsbaarsten? Het gaat om mensen die eigenlijk niet goed voor zichzelf kunnen opkomen en daarom makkelijk uit de samenleving weggedrukt kunnen worden. Zij kunnen niet op het Malieveld om aandacht vragen. Sommigen begrijpen niet eens wat er allemaal voor hen wordt besloten. Anderen hebben de energie niet vanwege hun ziekte. Om maar te zwijgen over de mensen die door hun isolement depressief zijn geworden.

Een afvinklijstje. Van gesprekken met COVID-directieleden zijn we afgegleden naar gesprekken met ambtenaren van lagere echelons waar ze helemaal geen beslissingen kunnen nemen. Waar rapporten niet worden gelezen. Waar afwimpel en sus-gesprekjes worden gevoerd. Die protocollen en processen uitleggen en die er werkelijk geen idee hebben van wat zich rond de kwetsbare groepen afspeelt. Op papier is het prachtig. Oh, werkt dat niet zo in de praktijk? Heel waardevol om te horen hoor, geef die signalen door. Zal ik doen natuurlijk. Maar het zint me niets. De processen, de protocollen, de papieren werkelijkheid van het ministerie, maar vooral de onmenselijkheid komen me mijn oren uit.

Al die signalen van wat er allemaal misgaat voor de medisch kwetsbaren en long covid patiënten kan ik overigens prima samenvatten in één zin: ER GAAT HELEMAAL NIETS GOED. Lees verdomme dat plan. Luister. Vind een beetje menselijkheid in je hart. In Nederland zijn we allemaal gelijk. We hebben allemaal evenveel recht om mee te doen aan de samenleving. De minister heeft de verantwoordelijkheid voor de volksgezondheid. Het boeit me helemaal niets welk draagvlak er allemaal wel of niet is om een simpel testje te doen of thuis te blijven bij klachten. Of om een mondkapje te dragen waar dat nodig is. Het zal me aan mijn reet roesten of een ziekenhuisbestuurder er geen zin in heeft om de veiligheid van de patiënten te beschermen. Niet interessant, dat het management van een verpleeghuis geen zin meer heeft om bewoners te testen op COVID. We willen allemaal zoveel dingen niet, maar we moeten het toch. Hele boekenreeksen vol met wetten en regels omdat we zoveel dingen uit onszelf niet zouden doen of laten. Hou toch op met dat smoesje. Als er geen draagvlak is, dan maak je die maar.

De volksgezondheid is de verantwoordelijkheid van de minister. Het recht op volwaardige deelname aan de samenleving is een verantwoordelijkheid van Kabinet en Kamer. Van alle instituten en organen die daarover mee mogen beslissen. Van iedereen die enige invloed heeft op beleid. Maar niemand trekt zijn mond erover open. Hoe makkelijk een hele grote groep burgers vanwege hun lichamelijke gesteldheid buiten de samenleving wordt gezet is huiveringwekkend. Hoe onverschillig dat bijna dit hele land laat… het is onmenselijk. Van ons allemaal. Mensen met een kwetsbare gezondheid voor COVID zitten grotendeels nog in isolement. Nu al drie jaar. Mensen met long covid zijn bij hen in dat schuitje gestapt. Vele honderdduizenden. Mensen. Mensen met voorheen een leven. Mensen met kinderen, met ouders, met grootouders. Mensen met behoeften en gevoelens. Mensen die het leven net zo waard zijn als ieder ander. Al zou er maar één topambtenaar zijn die bijvoorbeeld ons plan leest, of écht naar de patiëntengroepen luistert en hun lot serieus neemt. Al zou er maar één mens zitten daar bij VWS. Eén. Of misschien zit er nog een mens in de Kamer die zich verantwoordelijk voelt. Of bij een krant. Bij een van de vele, vele instituten die zich uit kunnen spreken over overheidsbeleid. Bij zo’n gesubsidieerde patiëntenclub. Iemand. Maar eerlijk gezegd is het zoeken naar die iemand met invloed die ziet dat de ‘kwetsbaren’ dringend bescherming behoeven. Tegen beleid dat hen buiten de samenleving zet. Tegen de minister van Volksgezondheid. Tegen ambtenaren die niet eens inzien dat hun onmenselijkheid buiten alle proporties is geraakt.

‘Fase Dor Hout’

Normaal gesproken rammel ik een stuk van ruim 2.000 woorden er binnen een uurtje uit. Maar dit stuk wil maar niet uit mijn vingers wil rollen. Ik zoek een rustige inleiding, omdat ik ergens wel weet dat je hele moeilijke dingen niet zo plompverloren op tafel moet gooien. Eerst wat feiten, de situatie duiden, rustig opbouwen en dan ergens in het midden van het stuk opbouwen naar de pijn. Tegelijkertijd weet ik dat het niet zoveel uitmaakt hoe je het zegt, het wil toch niet landen. Onze bestuurlijke elite zegt het al veel langer in van die mooi opgebouwde teksten: ‘We moeten de moeilijke gesprekken met elkaar gaan voeren’. Maar het gebeurt niet.

We zien het gebeuren, we weten waar we naartoe gaan, maar we zwijgen en doen alsof het niet bestaat. Dus moet je hier eigenlijk wel op een verzachtende manier over praten? Dringt dan de ernst wel door? Plompverloren dan toch maar: De pandemie is niet over. Mensen worden ziek. Langdurig. Invaliderend. Met échte pijn. Afgezonderd in een donkere kamer. Of op jonge leeftijd achter een rollator. Kijk eens om je heen in het straatbeeld: Er lopen veel minder ouderen. Jong en oud met extra groot risico op ernstige ziekte zit thuis, alweer of nog steeds. En die grote gapende kloof in ons midden? Daar liggen de mensen die dood mochten. Bijna 50.000 mensen. Dood.

Het ís tijd om die moeilijke gesprekken met elkaar te voeren. Ongemakkelijk. Toegeven dat we bezig waren ‘de economie’ te redden en niet elkaar. Maar dat deden we. En we zijn dat blijkbaar zo normaal gaan vinden dat we, zelfs nu blijkt dat de grootste winnaar van de pandemie in Nederland ‘de economie’ is, niet meer kunnen stoppen met mensenlevens offeren. Want dat is wat het betekent als we nu alles loslaten. Er is geen groepsimmuniteit. Er is slechts individuele, kortstondige immuniteit. De vaccins helpen méér individuen weerstand te bieden tegen ernstige ziekte, waardoor de ziekenhuizen niet meer zo makkelijk zullen overstromen, maar niet alle. En bij lange na nog niet genoeg. De gezondheidsschade blijft oplopen.

Wie niet acuut ernstig ziek wordt loopt het risico op allerlei gezondheidsschade: Variërend van achteruitgang van al bestaande gezondheidsklachten, tot invaliderend long covid. Daar beschermt die immuniteit niet tegen, want long covid blijkt gewoon een tombola, ook al ben je gevaccineerd. En individuele immuniteit biedt ook geen beschermend muurtje voor mensen die zelf die immuniteit niet opbouwen. Jouw besmetting eindigt niet bij jezelf, tenzij je in quarantaine of isolatie gaat. Doe je dat niet, dan geef je het door. In de keten van besmettingen die jij op gang brengt, zitten naast mensen die de ziekte wel aankunnen, ook gewoon de dood. Onherroepelijk. De oma van je vriendin, de vriend met astma van een kennis van een kennis in Groningen, de nicht van een vriendin van je collega in Kamperland, de pasgeboren zoon van een kennis van een vriend van een vriendin van een kennis in Indonesië. Want het stopt niet omdat jijzelf weer beter wordt. Dat je de schade niet met eigen ogen ziet, wil niet zeggen dat het er niet is. Het virus komt ten einde tussen de muren van je huis, of het eindigt in de dood. Hier zie je dat in een kille grafiek: Bijna 6,9 miljoen mensen dood. In drie jaar tijd. Volgens de officiële tellingen. In werkelijkheid zijn het er nog veel meer.

We kunnen doen alsof de pandemie voorbij is en stilzwijgend accepteren dat we heel veel mensen ziek of dood maken. We kunnen doen alsof we geloven dat corona maar een griepje is en we niet zien hoeveel schade we aanrichten. We kunnen doen alsof het onvermijdelijk is dat die mensen doodgaan. We kunnen doen alsof we geen andere keuze hebben, want “we kunnen niet eeuwig in lockdown”. Ik niet. We doen wat we doen omdat het goedkoper is, niets meer en niets minder. Er is geen enkele goede reden om niet meer te testen, zorgmedewerkers en bezoekers geen goed beschermend mondneusmasker te laten dragen, de binnenlucht te verbeteren, massaal thuis te werken waar dat kan, thuis te blijven als je luchtwegklachten hebt en je te testen als je met corona in aanraking bent geweest. Verstrek die zelftesten gratis. Zet die luchtfilters godbetert in ieder klaslokaal, want zijn we helemaal gek geworden om die kinderen te dwingen naar gebouwen te sturen waar echt (te)velen van hen long covid oplopen? Wat is er in godsnaam mis met ons? Ga mensenlevens redden. En als onze overheid dat niet doet, laten we dan zelf het goede voorbeeld gaan geven.

De tijd van op de rug rollen en overgeven aan het noodlot is wel voorbij. Het is zo’n beetje nu of nooit. Weet je nog toen we zo massaal over Marianne Zwagerman met haar dor hout heen rolden? Nou, in die fase zijn we beland. Met open ogen. We maken mensen ziek en dood omdat het een paar centen scheelt. Om dat te voorkomen hoeven we helemaal niet in lockdown. Weten we best wel. Hou daar toch eens mee op. Hou je corona gewoon thuis. Beter een paar dagen in quarantaine, dan meerdere keren per jaar ziek in bed. Beter een paar dagen goed uitzieken, dan levenslang long covid. Ga mensenlevens redden. Corona is er nog. En stuur een briefje aan minister Kuipers. Waar blijven de antivirale middelen, de mondneusmaskers voor de zorg, de investeringen in een nieuw vaccin die ook transmissie stopt? Waar blijven de schone klaslokalen voor de kinderen? Er is geen groepsimmuniteit. Er is geen beschermend muurtje. We doen survival of the fittest. Niet eens noodgedwongen. We kunnen echt nog veel doen om gezondheid en levens te redden en het kost niet eens zo heel erg veel. Een verandering van mentaliteit vooral, als je het mij vraagt. De economie is gezond. Nu wij nog.